Start tweede aanvraagronde SLIM-subsidie

Op 1 september 2025 opent het digitale loket bij Uitvoering van Beleid van het Ministerie van SZW voor de tweede aanvraagronde van de SLIM-subsidie. De SLIM-regeling biedt u als werkgever de mogelijkheid om een leerrijke werkomgeving in uw bedrijf te creëren. Dit jaar is de regeling aangepast. Zo is het subsidiepercentage voor alle bedrijven nu 60%. Voorheen was het percentage voor kleine mkb-ondernemingen 80%. Subsidies tot € 25.000 worden automatisch vastgesteld en een uitgebreide administratie is niet meer vereist. U ontvangt direct 50% van de subsidie als voorschot, de rest volgt na afloop van het project. Op de menukaart 2025 vindt u de subsidiabele activiteiten. Het aanvraagloket is open tot en met 30 september 2025. Let op, u moet zich eerst registreren als aanvrager, voordat u een aanvraag kunt indienen bij Uitvoering van Beleid.

Tip
Ontvangt uw bedrijf € 125.000 of meer aan subsidie? Dan is een controleverklaring van een accountant verplicht. Hiervoor kunt u sinds dit jaar een vaste vergoeding van € 3.000 aanvragen.

Controleer definitieve beschikking LKV en LIV 2024

Uiterlijk eind juli heeft u de definitieve beschikking Lage-Inkomensvoordeel (LIV) en het Loonkostenvoordeel (LKV) 2024 ontvangen van de Belastingdienst. Dit jaar wordt het LIV voor het laatst uitbetaald. Dit voordeel is per 1 januari 2025 afgeschaft. Het is verstandig om de Wtl-beschikking goed te (laten) controleren en te vergelijken met de gegevens in uw loonadministratie. Zijn bijvoorbeeld de correcties op de voorlopige beschikkingen die vóór 1 mei jl. zijn doorgegeven, goed verwerkt? Zijn alle kwalificerende werknemers meegenomen in de beschikking of zitten er fouten in de berekening? Constateert u fouten in de definitieve beschikking, zorg er dan voor dat u binnen zes weken bezwaar maakt of laat maken. Is de beschikking juist vastgesteld, dan betaalt de Belastingdienst u de tegemoetkoming(en) binnen zes weken na de datum van de beschikking uit.

Tip
Controleer de definitieve beschikking LKV/LIV en zorg dat u tijdig in actie komt als de beschikking niet correct is vastgesteld!

Oefenversie Opgaaf werkelijk rendement box 3 beschikbaar gesteld

De Belastingdienst heeft op haar website een oefenversie van de Opgaaf werkelijk rendement (OWR) beschikbaar gesteld. De komende zomer zal het zogenaamde OWR-formulier ter beschikking worden gesteld aan alle belastingplichtigen. Heeft u box-3-vermogen en behaalt u minder rendement dan het forfaitaire rendement waarmee de Belastingdienst rekent? In dat geval kunt u straks mogelijk de teveel betaalde box-3-belasting terugvragen middels dat OWR-formulier.

Tip
Met de oefenversie op de website van de Belastingdienst kunt u alvast in kaart brengen welke informatie straks nodig is en welke documenten u moet verzamelen. De gegevens kunnen later overgenomen worden in het deze zomer ter beschikking te stellen OWR-formulier.

Afschaffing fiscale voordelen groen beleggen wordt niet teruggedraaid

Het demissionaire kabinet is niet van plan de beoogde afschaffing per 1 januari 2027 van de vrijstelling voor groen sparen en beleggen terug te draaien. De vrijstelling bedraagt dit jaar € 26.312 (€ 52.624 bij partners). Behalve de vrijstelling wordt per 1 januari 2027 ook de extra heffingskorting voor groene beleggingen afgeschaft. Het demissionaire kabinet neemt geen compenserende maatregelen. Het is aan het volgende kabinet om politieke keuzes te maken en eventueel nieuwe groene maatregelen in een wetsvoorstel op te nemen.

Tip
Wilt u gaan beleggen dit jaar? Overweeg dan groen te beleggen. Dit en volgend jaar kun u nog gebruik van een vrijstelling voor groen sparen en beleggen.

Wet werkelijk rendement box 3 niet controversieel verklaard

De behandeling van het wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3 wordt ondanks de val van het kabinet voortgezet. Dit heeft de Tweede Kamer op 17 juni 2025 besloten. De beoogde ingangsdatum van de Wet werkelijk rendement is 1 januari 2028. Volgens de Staatssecretaris van Financiën zou uitstel van deze wet de staat honderden miljoenen euro’s kosten.

Tip
De beoogde datum van inwerkingtreding is 1 januari 2028. Hoewel het wetsvoorstel nog langs de Tweede en Eerste Kamer moet, is het nuttig alvast de fiscale gevolgen van dit nieuwe box-3-stelsel in kaart te brengen.

Beperking contante betalingen

Handelt u beroeps- of bedrijfsmatig in goederen? Dan mag u binnenkort geen transacties in contanten meer verrichten vanaf € 3.000. Dit is bepaald in het wetsvoorstel ‘Wet plan van aanpak witwassen’.  Tijdens de behandeling bij de Tweede Kamer is er wel een acceptatieplicht aan toegevoegd voor contant geld bij kleine betalingen. Nadat de Tweede Kamer vorig jaar instemde met dit wetsvoorstel, is onlangs ook de Eerste Kamer akkoord gegaan. De exacte inwerkingtredingsdatum zal nog bij koninklijk besluit worden bepaald.

 Tip
Pas uw administratie alvast aan, zodat u aan deze nieuwe verplichting kunt voldoen.

Vanaf 1 juli 2025 meer kredietruimte door opheffing verpandingsverboden

Vooral grote bedrijven in de bouw- en retailsector nemen regelmatig verpandingsverboden op in hun contracten met leveranciers in het mkb. Een verpandingsverbod houdt in dat het grote bedrijf (de schuldenaar) de leverancier (de schuldeiser) verbiedt om de handelsvordering te verpanden of over te dragen. Zo kan het grote bedrijf niet worden geconfronteerd met een onbekende schuldeiser. Als  leverancier van een grootbedrijf wordt u hierdoor echter beperkt in uw financieringsmogelijkheden. Door het verbod kunt u immers de vordering niet als zekerheid gebruiken voor het verkrijgen van een krediet. Dit gaat veranderen, want vanaf 1 juli 2025 worden deze verboden van overdracht en verpanding opgeheven. Dit geldt ook voor bestaande vorderingen vanaf drie maanden na de inwerkingtreding. De wet geldt alleen voor handelsvorderingen. Geldleningen waarbij meerdere partijen als uitlener optreden zijn uitgezonderd, evenals het gedeelte van een handelsvordering dat op een g-rekening moet worden betaald.

Tip
Handelsvorderingen komen beschikbaar voor financieringsdoeleinden, waardoor u als schuldeiser meer kredietruimte krijgt. Let op, u bent wel verplicht om een overdracht

Tijdig stakingswinst omzetten in lijfrente voor premieaftrek in 2024

Heeft u uw onderneming in 2024 gestaakt en wilt u in dat jaar de stakingslijfrentepremieaftrek claimen? Zorg er dan voor dat u de premie uiterlijk vóór 1 juli 2025 hebt betaald. U mag de stakingslijfrentepremie dan in mindering brengen op het inkomen in het stakingsjaar. De aftrek is wel gemaximeerd. De hoogte hangt onder meer af van uw leeftijd op het stakingsmoment, de mate van eventuele arbeidsongeschiktheid en van de ingangsdatum van de lijfrente-uitkeringen.

Tip

Wilt u de lijfrentepremie in het stakingsjaar 2024 in aftrek brengen? Zorg er dan voor dat u de stakingswinst vóór 1 juli 2025 hebt omgezet in een lijfrente en de premie hebt betaald.

Tijd dringt voor omzetten FOR in lijfrente met premieaftrek in 2024

Tot 2023 kon u pensioen opbouwen in de fiscale oudedagsreserve (FOR). Heeft u een FOR opgebouwd, dan mag u die ook nu nog volgens de oude regels omzetten in een lijfrente. Wilt u (een deel van) uw oudedagsreserve omzetten in een lijfrente bij een bank of verzekeraar en de lijfrentepremie nog in de IB-aangifte 2024 in aftrek brengen? Zorg er dan voor dat u de premie op tijd betaalt. De lijfrentepremie is nog aftrekbaar in 2024 als u de premie uiterlijk vóór 1 juli 2025 hebt betaald.

Tip

Wilt u (een deel van) de opgebouwde oudedagsreserve afstorten op een lijfrente. Doe dit dan vóór 1 juli 2025 als u de lijfrentepremie in 2024 in aftrek wilt brengen.

Definitief geen keuzerecht bij overgang naar nieuw pensioenstelsel

Pensioendeelnemers krijgen definitief geen inspraak over de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel. De Tweede Kamer heeft onlangs namelijk het voorstel afgewezen om alle deelnemers bij pensioenfondsen individueel de keuze te geven of zij opgebouwd pensioen in het nieuwe of in het oude stelsel willen. De stemming over het pensioenplan van NSC eindigde met 73 stemmen tegen en 72 voor. Daarmee is het plan van de baan. De Tweede Kamer is wel akkoord gegaan met het voorstel om pensioenfondsen een jaar extra te geven om de overgang naar het nieuwe stelsel te regelen. Er lijkt ook een meerderheid in de Eerste Kamer te komen. Dit betekent een langere transitieperiode voor de overgang naar het nieuwe stelsel, namelijk tot 1 januari 2028.

Tip
De datum van 1 januari 2028 lijkt ver weg, maar er is ook veel werk aan de winkel voor pensioenfondsen en werkgevers. Denk alleen al aan alle pensioengesprekken met werknemers die moeten plaatsvinden om hen te informeren over de gevolgen van het nieuwe pensioenstelsel in hun individuele situatie.