Boekhoudingen • Salarisadministratie • Belastingaangiften • Advies

Laat geen verrekenbare Vpb-verliezen verloren gaan

De voorwaartse verrekening van verliezen die dit jaar of in latere jaren zijn ontstaan, is in de vennootschapsbelasting beperkt tot 6 jaar. Voor verliezen uit 2018 en eerdere jaren blijft de oude termijn van 9 jaren gelden. De achterwaartse verliesverrekening van 1 jaar is ongewijzigd gebleven. Een verlies uit 2010 is dus na 31 december 2019 niet meer verrekenbaar. U kunt dit voorkomen door uw winst te verhogen, bijvoorbeeld door de verkoop van een bedrijfsmiddel naar voor te halen. Vraag uw adviseur naar de mogelijkheden.

Besteed je eigenwoningschenking tijdig

Heeft u van uw ouders in 2017 een schenking gehad voor het onderhoud en de verbetering van uw eigen woning? En is daarbij de verhoogde schenkingsvrijstelling toegepast? Zorg er dan voor dat u de schenking eind 2019 daaraan hebt besteed en dat de verbouwings- of onderhoudswerkzaamheden zijn afgerond. Anders vervalt de vrijstelling alsnog.

 

Verbreken fiscale eenheid kan voordelig zijn

Behoort uw bv tot een fiscale eenheid in de vennootschapsbelasting? In dat geval kan het vanwege de tariefstructuur voordelig zijn om deze te verbreken. Winst boven € 200.000 wordt belast met 25%, daaronder met 19% vennootschapsbelasting. In de fiscale eenheid worden alle winsten en verliezen van de deelnemende vennootschappen samengevoegd en belast bij één vennootschap (de moedervennootschap). Die winst – en dus de vennootschapsbelasting – kan hoger zijn dan wanneer alle bv’s zelfstandig worden belast.

Tijdig lijfrentepremie betalen

Heeft u een pensioentekort, dan kunt u hiervoor een aanvullend inkomen regelen. Bijvoorbeeld door bij een verzekeraar een lijfrentepolis te sluiten of bij een bank een lijfrentebankspaarproduct. De lijfrentepremie die u in 2019 heeft betaald, kunt u aftrekken in uw aangifte inkomstenbelasting 2019 die u volgend jaar indient bij de Belastingdienst. Het is niet meer mogelijk om na afloop van het jaar de lijfrentepremie te betalen en dan de aftrek terug te wentelen naar het voorafgaande jaar.

 

Anticipeer op minder kostenaftrek

Heeft u een inkomen dat wordt belast in de hoogste belastingschijf? Dan krijgt u vanaf 2020 te maken met de afbouw van de persoonsgebonden aftrekposten, zoals de aftrek van giften, ziektekosten en betaalde partneralimentatie. De afbouw vindt plaats met 3% per jaar, totdat een aftrek tegen een tarief van 37,05% is bereikt. Dit jaar heeft u nog aftrek tegen 51,75%. Het heeft dus zin om aftrekposten naar voren te halen door extra giften te doen aan een goed doel of door uw alimentatieverplichting af te kopen. Laat u adviseren wat uw mogelijkheden zijn.

Let op: De aftrekbeperking geldt niet voor lijfrentepremies en premies voor arbeidsongeschiktheidsverzekeringen.

 

Spreiden investeringen voor meer KIA

Het is ook zinvol om voor het benutten van de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA) te bekijken of u bepaalde investeringen nog in 2019 moet doen of dat u die beter kunt doorschuiven naar 2020. Het spreiden van investeringen kan u meer KIA opleveren. Investeert u tussen € 2.300 en € 57.321, dan krijgt u hierover 28% KIA. U kunt voor een totale investering tussen € 57.321 en € 106.150 een vast bedrag claimen van € 16.051. Voor investeringen van in totaal tussen € 106.150 en € 318.449 neemt dit vaste bedrag geleidelijk af. Boven een investeringsbedrag van € 318.449 krijgt u geen KIA meer. Spreiden van de investeringen over twee jaren is dan dus altijd voordeliger.

Controleer of u moet herinvesteren

Heeft u in het verleden een herinvesteringsreserve gevormd van de winst bij verkoop van een bedrijfsmiddel? Controleer dan of dit jaar het laatste jaar is, waarin u de reserve moet gebruiken. Dat moet immers binnen drie jaar na het jaar waarin u de herinvesteringsreserve heeft gevormd. Is dat geval, zorg er dan voor dat u dit jaar nog investeert en voorkom dat u de reserve aan de belastbare winst moet toevoegen.

Tijdig aan- of juist afmelden voor de nieuwe Kleineondernemersregeling

De Kleineondernemersregeling (KOR) wijzigt op 1 januari 2020. De nieuwe KOR wordt dan een omzetgerelateerde vrijstelling van omzetbelasting (OVOB). Dit is een vrijwillige btw-vrijstelling zonder btw-aftrekrecht in plaats van een vermindering op de af te dragen btw. Heeft u nu ontheffing van de administratieve verplichtingen en is uw jaaromzet lager dan € 20.000? In dat geval wordt u automatisch aangemeld voor de nieuwe KOR. Maar dat is niet in alle gevallen voordelig. Laat dit tijdig uitzoeken, zodat u in ieder geval uiterlijk vóór 20 november 2019 weet of u nog actie moet ondernemen. U kunt zich afmelden met het speciale afmeldformulier van de Belastingdienst. Meldt u zich niet tijdig af, dan zit u in beginsel 3 jaar vast aan de nieuwe KOR. Heeft u zich tijdig afgemeld, dan kunt u daarna 3 jaar geen gebruik maken van de nieuwe KOR. Ook voor het aanmelden voor de nieuwe KOR is een speciaal aanmeldformulier beschikbaar.

Vraag vóór 1 november aanslag aan en verlaag uw box-3-grondslag

Bepaalde belastingschulden verminderen niet de rendementsgrondslag van box 3. Dit kunt u omzeilen door een voorlopige aanslag aan te vragen en deze voor het einde van het jaar te betalen. Op de peildatum van box 3 (1 januari) heeft het bedrag van de aanslag zo toch de box-3-grondslag verminderd. Maar deze vlieger gaat niet op als de inspecteur de aanslag niet tijdig oplegt, waardoor u niet voor het einde van het jaar kunt betalen. Dat vindt de staatssecretaris niet rechtvaardig. Hij keurt daarom goed dat als u vóór 1 november van het jaar schriftelijk om een (nadere) voorlopige aanslag hebt verzocht, de desbetreffende belastingschuld al per 1 januari van het volgende jaar (peildatum) als betaald wordt beschouwd bij de berekening van de box-3-grondslag. Dus ook als u de aanslag nog niet heeft betaald.

 

Vraag vóór 1 november a.s. eHerkenning aan!

Vanaf 1 november a.s. wordt u verplicht om door middel van eHerkenning in te loggen in het werkgeversportaal bij het UWV. Dankzij eHerkenning kunt u veilig inloggen bij ruim 400 overheidsinstanties met één inlogmiddel. Daarmee is eHerkenning de DigiD voor bedrijven. Vanaf 2019 zijn steeds meer overheidsinstanties verplicht om eHerkenning te gebruiken. U kunt eHerkenning aanvragen bij door de overheid erkende leveranciers. Maar doe het wel snel, want de tijd dringt om dit nog tijdig te regelen.

Een andere optie is dat u uw adviseur machtigt om van de ketenmachtiging gebruik te maken. Uw adviseur mag dan namens u een online dienst regelen met eHerkenning. U hoeft dan niet zelf een eHerkenningsmiddel aan te vragen.